ABP kreunt onder last (van te weinig premie) van verleden
(..)
(..) De Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen (NBP) wil namens gedupeerde ABP’ers een collectieve rechtszaak beginnen om de ‘geroofde’ pensioenrechten bij de overheid op te eisen. Aanklacht: achtereenvolgende kabinetten hebben in de jaren tachtig en negentig uit de ruif van het ABP gesnoept om hun begrotingstekorten te dekken.
(..)
(..)
De ABP-wet verplicht de overheid 21 procent pensioenpremie per jaar in de pensioenpot te stoppen. Vanaf 1982 tot en met 1988 verlaagt de Tweede Kamer via tijdelijke ‘Uitnamewetten’ acht jaar op rij de rijksbijdrage aan het ABP van 21 procent naar 8,3 procent. (..)
In 1988 dringt het ook bij het kabinet door dat de verplichtingen van het ABP uit de pas lopen met de premieheffing en dat het fonds een groot financieringstekort heeft opgebouwd. De overheid voelt er weinig voor miljarden bij te storten, dus gaat zij akkoord met verzelfstandiging onder voorwaarde dat de vakbonden die eis laten vallen. (..)
In 1996 wordt het ABP eindelijk verzelfstandigd. Het tekort bij het fonds bedraagt dan bijna 33 miljard gulden. (..) Tot ver in de jaren negentig betalen overheid en ambtenaren geen kostendekkende pensioenpremie.
In dat laatste is het ABP overigens niet uniek. De beleggingswinsten op de beurzen compenseren bij de meeste fondsen de veel te lage pensioenpremies. Tal van bedrijven, waaronder Unilever, Shell en KLM, romen de vermogenswinsten van hun pensioenfondsen af om daarmee hun kwartaalcijfers op te poetsen. De vakbonden knijpen een oogje toe in ruil voor extra loonsverhogingen.
Ook dit, achteraf gezien, volstrekt onverantwoordelijke gedrag van de pensioenfondsen is het gevolg van overheidsbeleid. In 1989 dient minister Ruding van Financiën een wetsvoorstel in: de Wet Brede Herwaardering. Het is de CDA-minister een doorn in het oog dat nogal wat bedrijven hun pensioenfonds misbruiken om vennootschapsbelasting te ontlopen. (..) Ruding wil daarom de vermogens van pensioenfondsen met een dekkingsgraad van 120 procent of hoger afromen ten behoeve van de schatkist. (..)
De Wet Brede Herwaardering is nooit ingevoerd, maar bleef tot 2006 boven de markt hangen. Toen was de schade al aangericht. In het vooruitzicht dat ze een ‘teveel’ aan vermogen toch maar aan de schatkist moesten afstaan, probeerden pensioenfondsen krampachtig onder de 120-procentsdrempel te blijven. Steeg de dekkingsgraad tot grotere hoogte, dan spraken werkgevers en bonden af de premies te verlagen in ruil voor extra loon. (..)
(..)
19 januari 2012
Categorie: Pensioenen
Meer van: VK, Yvonne Hofs
