Een digitale revolutie in de straten van Teheran? (Nee, digitale dictatuur)

Twitter – CNN 1-0. Kop in The Economist van deze week. Zaterdag 13 juni, een
dag na de verkiezingen in Iran, zagen televisiekijkers hoe Larry King op
nieuwszender CNN een aantal motorfietsliefhebbers interviewde. Op hetzelfde
moment trokken honderdduizenden boze Irani.rs over de straten en pleinen van
de Iraanse hoofdstad, maar daarvan op CNN, de laatste 25 jaar toch groot
geworden door live-uitzendingen van grote, historische gebeurtenissen, geen
enkel beeld. Hetzelfde gold voor andere Amerikaanse nieuwszenders.
De BBC en Al-Jazeera reageerden sneller, maar ook zij legden het af tegen
Twitter en YouTube, waar wel rap beelden, foto’s en teksten over die
zaterdag in Teheran te vinden waren.
Time schrijft dat het zowel ‘subliem als belachelijk’ is dat een van de
belangrijkste instrumenten die de Iraanse demonstranten tot hun beschikking
hebben een dienst als Twitter is. ‘Het is toch vooral een speelgoedje
waarmee je kunt flirten of anderen kunt vertellen hoe het met je kat gaat.’
(..)
Maar kunnen we dan ook al spreken van een digitale revolutie? Der Spiegel
vraagt zich af of Twitter, YouTube, Facebook en Flickr ook werkelijk een
dictatuur ten val kunnen brengen. Het kan. Wie een revolutie beraamt, dient
immers over de media te beschikken, dat wist Luther al toen hij met behulp
van de net uitgevonden boekdrukkunst de katholieke kerk aanviel.
Opmerkelijk is dat de machthebbers in Iran al vroeg de kracht van internet
herkenden. Der Spiegel: ‘Het gebruik van internet werd na de oorlog tegen
Irak gepropageerd om de economie en de wetenschap op een hoger peil te
brengen.’
Diezelfde machthebbers beschikken trouwens over middelen om een digitale
revolutie de voet dwars te zetten. Dit voorjaar leverde Nokia Siemens
‘Intelligence Platform’, een programma waarmee de internetterrorist kan
worden bestreden, maar waarmee dictaturen ook internetgebruik van de gewone
burger kunnen controleren.
(..)

23 juni 2009 Categorie: Internet  Meer van: ,