Bel me niet, mail niet op m’n werk (hopelijk)
Vandaag gaat nieuwe wet tegen ongewenste reclame via e-mail en telefoon in
Vanaf vandaag is spam aan mensen op hun werk verboden. Een register moet consumenten bovendien vrijwaren van telemarketing.
(..)
Bel- en mailbedrijven die actief zijn in wat zij zelf dialoogmarketing noemen, twijfelen echter sterk aan de maatregelen. „Het bel-me-niet-register kan helpen tegen de cowboys in onze bedrijfstak”, zegt Jitty van Doodewaerd van branchevereniging DDMA. „Maar onze leden werkten al met het voorgaande, vrijwillige register van Infofilter.nl.” De DDMA vertegenwoordigt callcentra en opdrachtgevers (adverteerders).
(..)
Een ander probleem noemt zij dat de blokkade voor eeuwig moet gelden. „Dat klinkt misschien mooi voor consumenten, maar het is lastig om het register up-to-date te houden. De beheerder is verplicht elke verhuizing of verandering van telefoonnummer te registreren.” In het vorige register van de website Infofilter.nl, dat belbedrijven vrijwillig hanteerden, verviel een blokkade na drie jaar.
Van Doodewaerd verwacht dat de nieuwe maatregelen tegen spam weinig tot niets uithalen. „Het is nogal zinloze wetgeving.” Pakweg 90 procent van de spam komt volgens haar uit het buitenland. Die wordt niet aangepakt met de Nederlandse wet. (..)
(..) Pr-bureau Whizpr in Wageningen stuurde daarom – in tegenstelling tot veel collega’s – geen verzoek aan journalisten om te antwoorden of zij hun persberichten willen blijven ontvangen. Directeur Ward van Beek: „Wij vragen bewust niet massaal naar opt-in. Dat is zinloos, het bereikt het doel niet en het is irritant. Volgens mijn interpretatie van de wet is het ook niet nodig.” Ontvangers die geen prijs meer stellen op post kunnen zich eenvoudig afmelden, aldus Van Beek. Hij benadrukt dat het mogelijk blijft dat bedrijven e-mails versturen aan bestaande klanten. „Persberichten vallen daarom buiten de wet. Bovendien zijn zij geen middel om iets te verkopen, mits goed geschreven en relevant.”
(..)
1 oktober 2009
Categorie: Klanten
Meer van: Jan Benjamin, NRC
